Skip to content
sander_dekker_heijmans-infra_rene_koster_3_lach.jpg
Vijf vragen aan Sander Dekker

Vinger aan de pols van infrastructuur

2 juni 2019

Om te blijven verbeteren, verslimmen en verduurzamen, houdt Heijmans de vinger aan de pols van asfalt, bruggen, sluizen, verlichting en kantoren. Directeur Infra Sander Dekker legt uit hoe we infrastructuur een hartslag geven en waarom dat bijdraagt aan een gezonde leefomgeving.

1. Heijmans gaat digitaal?

“Dat zijn we al een tijdje hoor. Alles wordt immers digitaler. Objecten praten met elkaar, doordat ze zijn gekoppeld aan internet. We gaan naar een Internet of Things waarin dingen met ons communiceren, een hartslag krijgen, laten weten hoe het met hen gaat. Ook asfalt, sluizen en bruggen!

Zo wordt onze infrastructuur slimmer, maar steden ook. Dankzij data weet je precies waar er nog parkeerplaatsen zijn. Hoef je niet meer tien rondjes te rijden!”

2. Waar komt deze ontwikkeling vandaan?

“Onze infrastructuur brengt en houdt ons land in beweging. Mensen, spullen, materialen en informatie verplaatsen zich continu in onze 24-uurs economie. Dat kan alleen als onze verbindingen in topconditie verkeren, in nauwe samenhang met elkaar functioneren én slimmer worden.

De komende jaren zullen we veel verbeteren en vervangen in onze infrastructuur, veel werken zitten aan hun verwachte levensduur. Digitale technologie helpt ons dat beter, slimmer en duurzamer te doen dan voorheen. Waardoor we meer circulair kunnen werken, efficiënt onderhoud plegen en duurzame energie opwekken. Denk aan materiaaluitwisselingsplatforms, geluidsschermen met zonnepanelen en manieren om weggebruikers te waarschuwen of om te leiden bij verkeersdrukte.

Willen we een gezonde leefomgeving maken, dan zullen we onze ruimte efficiënter moeten benutten. Geen onnodige vervoersstromen creëren en een betere doorstroming mogelijk maken.”

3. Hoe doen we dat dan?

“Het digitaliseren van wat we maken. Voordat we een kilometer asfalt aanbrengen, bouwen we deze weg eerst digitaal. Zeg maar een digitaal tweelingbroertje. Door deze aan alle kanten te testen, besparen we faalkosten. Vergelijk het met Max Verstappen: die zit ook de hele week in een simulator voordat hij zijn rondes op de baan maakt. Daarna meten we gebruik en gedrag van wat we maken en interpreteren die data. Dat doen we door sensoren aan te brengen in wegen, tunnels en bruggen. Die sensoren halen data op, die de belasting van deze infrastructuur monitoren en zo de levensduur ervan voorspellen. Dit is belangrijk, omdat we als bouwbedrijf steeds vaker langere tijd verantwoordelijk zijn voor het beheer en onderhoud van onze wegen en kunstwerken.

Waar je eerst met theoretische modellen werkte, kunnen we dankzij monitoring weten wat de stand van zaken daadwerkelijk is. Veel kunstwerken zijn bijvoorbeeld gebouwd in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Die hebben best nog wat restcapaciteit. Als onze werken dankzij data niet langer een ‘black box’ zijn, worden onderhoud en levensduur voorspelbaar. En nut je de constructies zo goed en veilig mogelijk uit, dan bespaar je geld, energie en CO2-uitstoot.

Verder verslimmen is denkbaar door algoritmes te maken op basis van die data: een geluidsscherm met zonnepanelen ‘beweegt’ zich dan automatisch naar de plek waar het de meeste zonnestralen vangt.”

“Objecten als bruggen of sluizen tot leven brengen, laten praten, dát kan data doen

4. Kunnen we dit zelf?

“We maken ruimte voor dit digitaliseringsprogramma, zowel in mensen als in middelen. Inmiddels hebben we software engineers in huis, die een andere taal spreken. Hun kennis gekoppeld aan onze bouwkundige expertise levert een waardevolle mix op. Naast dat het leuk samenwerken is, kunnen we zo extra services en diensten ontwikkelen.

Data is inmiddels serious business: zo gebruikt onze opdrachtgever Rijkswaterstaat de data uit de Prinses Beatrixsluis om te kijken of de capaciteit voldoende is om de komende jaren het aanbod van binnenvaartschepen te verwerken. In een doorvoerland als Nederland is beschikbaarheid, bereikbaarheid en betrouwbaarheid erg belangrijk. Als wij dat weten te verbeteren dankzij onze sensoren en daaraan gekoppelde software en algoritmes, biedt dit volop kansen. Op voor Heijmans nieuw terrein!

We vullen onze eigen teams graag aan met experts uit andere sectoren. Kennispartners, met dezelfde doelen, zodat het beide partijen verder helpt. Daarom maken we onze digitaliseringsslag nu ook naar buiten kenbaar.”

5. Data is nogal ongrijpbaar. Hoe doen we dat dan?

“Kunstenaar en producer LudoWic heeft voor ons data uit vier projecten gesonificeerd. Daarbij koppelt hij variabelen uit de data aan eigenschappen van geluid, zoals volume of toonhoogte. In LudoWics tracks zijn datastromen uit een spoorbrug, sluis, geluidsscherm en asfalt verwerkt. Je ontdekt patronen en ritmes, luistert als het ware naar de ‘gezondheid’ van de infrastructuur. LudoWic verheft onze data tot kunst!

Onder de naam Heijmans Bits & Beats zal hij deze vier sonificaties ook live spelen dit jaar, bijvoorbeeld tijdens het Amsterdam Dance Event.”

Sonificatie van data uit infra objecten

Neem contact met ons op